Een nieuw thema: buiten, de tuin in, de paden op, de wegen van deze wereld langs trekken. In april verlaten doorgaans de eerste vakantievierders al het land.

Nu is alles anders: reizen en trekken naar buiten is voorlopig nog niet aan de orde.
Wat is buiten eigenlijk? En wat is binnen? Hier is opnieuw een bericht voor thuisblijvers.

Pierre Eijgenraam en Arjen Hiemstra, redactie

 

Zondag, door Arjen Hiemstra

Buiten en binnen
“Laat heb ik u liefgekregen, o schoonheid, zo oud en zo nieuw, laat heb ik U liefgekregen! En gij waart binnen en ik was buiten, en daar zocht ik u, en ik rende, wanstaltig als ik was, op de schone dingen af die door u gemaakt zijn. Gij waart bij mij en ik niet bij u”. (Augustinus, Belijdenissen, Baarn, 1995 (5e druk).

In zijn autobiografie vertelt Augustinus hoe hij God heeft leren kennen. Hij was maar steeds op zoek naar God buiten zichzelf. Hij rende van de ene filosofie naar de andere, hij gaf zich over aan steeds maar weer een andere liefde, een buitengewoon vroom leven heeft Augustinus in zijn jonge jaren niet geleefd.

God – die hij hier ‘schoonheid’ noemt – leerde hij pas kennen toen hij de weg naar binnen vond.
Die weg naar binnen zijn de mystici gegaan in de kerk. Buiten zie je de ‘schone dingen die door God gemaakt zijn’. Maar pas als ze zichzelf naar binnen keerden leerden ze God echt kennen.

Die inkeer kun je trouwens best op een stoel in de schaduw van een boom op het spoor komen. Veel belangrijker is dat je de tijd neemt. Dat je de ruimte zoekt om niet afgeleid te worden door alles wat om aandacht roept. Het is een weg van loslaten wat niet van belang is.

Het zou mooi zijn als wij juist in deze tijd op die weg een paar stappen zouden maken.

Gebed

Maak ons stil van binnen, haal weg de druk, de drang, de onrust –

misschien kunnen we
dan iets van U horen,
een Stem die ons aanroept, toespreekt en troost.

Jurjen Beumer in ‘Op de drempel – Gebeden bij wisselend tij’, Baarn, 1999.