Deze week met het thema: Duurzaam

Vrijdag 10 juli: Pierre Eijgenraam

Onlangs heb ik een oude hobby weer opgepakt. Als middelbare scholier  was ik lid van de Christelijke Jeugdbond voor Natuurstudie. Elke zaterdagmorgen trokken we vanuit Harderwijk –waar ik ben opgegroeid- de natuur in: de Veluwe of de Flevopolders.

Vogels vormden altijd het hoofdmenu: mijn hele week was goed als ik een grauwe kiekendief had gezien of een bonte strandloper of een klapekster. Ook nu nog kan ik heel blij worden van een zilverreiger of het geluid van een koekoek, of wanneer ik de eerste gierzwaluwen weer boven mijn hoofd zie zweven.

Maar de natuurstudie van vroeger, dat was er tot voor kort niet meer bij. Twee jaar geleden heb ik me aangemeld bij RAVON –Reptielen, Amfibieën en Vissen Onderzoek Nederland.

Op het Rozendaalseveld heb ik nu mijn reptielenroute. Slalommend tussen nieuwsgierige honden door speur ik in de vegetatie naar de zandhagedis, de hazelworm en de gladde slang. Er zijn enkele honderden van zulke routes in het land, en door alle telresultaten bij elkaar op te tellen kunnen de onderzoekers zien hoe het met deze dieren gaat.

Soms vind ik wat en dan kom ik blij weer thuis. Maar even zo vaak blijkt het een deprimerende bezigheid te zijn. Klimaatverandering en stikstofoverschotten: ik zie voor mijn voeten hoe droog en verarmd de natuur er in onze streken bij staat. Van een afstand gezien is het nog altijd mooi, van dichtbij bekeken is het vaak om te huilen. Er moet echt iets gebeuren!

Ondertussen heb ik grote bewondering voor al die vogels die het iedere lente toch weer proberen om een nest te bouwen en jongen groot te brengen. En voor de hagedissen en de slangen die de moed erin houden. Nou ik nog!