Arjen Hiemstra

 

Na de verhuizingen kwam ik in de Nieuwe kerk een doos met klokken tegen. En dat, terwijl ik de klok van mijn voormalige werkkamer in de Bethlehemkerk al in een eigen verhuisdoos had gestopt en deze inmiddels al in mijn nieuwe werkkamer lag. Waar al die klokken inmiddels zijn gebleven weet ik niet – misschien in de opslagruimte voor de bazaar? – maar duidelijk was wel dat ze niet weer allemaal konden hangen in het kerkgebouw aan de Roosendaalseweg.

Tegelijkertijd gaf de doos met klokken uit de verschillende kerken ook een signaal af: we zijn als kerk in een andere tijd terecht gekomen. We leven niet langer in een tijd waarin we als Protestantse Gemeente in elke stadswijk een eigen kerkgebouw hebben. In de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw was dat wel het geval. En dat hebben we lang volgehouden.

Nu zijn we een kleinere gemeenschap die her en der contact heeft in de stad. Van die gemeenschap zijn sommigen langdurig betrokken en actief. Ze leveren een bijdrage in het vrijwilligerswerk of komen regelmatig in de kerkdienst. Anderen kiezen ervoor af en toe deel te nemen aan onze activiteiten. Ze wonen een kerkdienst bij, nemen deel aan een gespreksgroep of schakelen ons in als er een overlijden is in de familie of er een huwelijk gevierd moet worden.

Ik denk dat het goed is dat we ons als kerk dát realiseren. Want de tijd waarin al die klokken in de doos een plek hadden is voorbij.