door Pierre Eijgenraam

Een van de meest bijzondere verhalen in het evangelie staat in Marcus 8: 22-27. Mensen brengen een blinde man bij Jezus met het verzoek om hem aan te raken. Jezus neemt hem mee naar buiten, spuwt in zijn ogen en legt hem de handen op. ‘Kun je al iets zien?’ ‘Ja’, zegt de man, ‘ik zie de mensen als bomen wandelen’. Jezus legt hem nogmaals de handen op, en dan ziet hij helder.

Mijn echtgenote, die soms geloviger is dan ik, zegt altijd: ‘Het verhaal mòet wel echt gebeurd zijn, want zo’n details als van die bomen, dat fantaseer je niet’. En als mijn echtgenote dat zegt, dan geloof ik dat!

Maar het verhaal stelt mij ook een vraag: wat is eigenlijk ‘helder zien’? Heeft die man niet gewoon gelijk als hij zegt dat de mensen zijn als bomen, die wandelen? Een boom verbindt hemel en aarde: de kruin naar boven, de wortels stevig in de grond. Dat zouden wij mensen ook wel willen! Maar zo is het niet.. ‘De bomen hebben wortels, de bomen mogen stevig staan, maar mensen moeten verder gaan’(Lied 807: 2).

Juist het feit dat deze man voor het eerst en onbevangen naar de wereld kijkt, doet hem raak observeren. Hij merkt dingen op die anderen niet meer zien. Goed functionerende ogen of een juist afgestelde bril; ik wens het iedereen toe. Maar zet ook de (echte of denkbeeldige) bril eens af, waarmee je naar de dingen  kijkt. Er zal een wereld voor je opengaan!