Elsje Pot

Is het toeval dat we juist deze week over de naakten kleden schrijven? Een bloot lijf roept regelmatig heftige reacties op en dat doet het aangekondigde programma ‘Gewoon.Bloot’ van NPO Zapp ook, waarbij kinderen van groep 7 en 8 aan diverse naakte volwassenen allerlei vragen over hun lichaam mogen stellen.

Als het gaat om de oproep van Jezus om de naakten te kleden, dan gaat het om iets wat ik wel heb (kleding) en een ander niet. Achter zo’n oproep, net als achter de andere werken van barmhartigheid, gaat een wereld schuil waarin goederen, voedsel, gezondheid en vrijheid niet eerlijk verdeeld zijn: de één heeft het en de ander heeft het niet.

Telkens stelt zo’n oproep ons voor de keus: ben ik bereid om mijn bezit met een ander te delen? Als je veel hebt, is dat best een dilemma. Ik wil me er niet van af maken door te verwijzen naar de diaconie of andere instanties. Als Jezus die vragen aan mij stelt, zou hij dan genoegen nemen met het antwoorden als: “ik heb kleding gebracht naar de Koepelgevangenis toen daar asielzoekers werden opgevangen” of “ik kocht in de supermarkt producten die de voedselbank kon gebruiken”?

Ik heb het gevoel dat mijn kleine acties niet echt beantwoorden aan wat Jezus voor ogen staat. Het aantrekkelijke van Jezus vind ik dat hij “deze wereld omgekeerd” wil, radicaal anders, dat is mijn idealistische kant. Tegelijk is er veel wat mij belet om daar zelf een begin mee te maken.