Regelmatig verwonder ik mij over het ongelooflijke aantal kookprogramma’s op de televisie. Er is zelfs een kanaal dat 24 uur per dag, 7 dagen per week, niets anders uitzendt! Tien jaar geleden had je dat nog niet. Je zag toen ook wel eens  een kok op televisie, maar niet zo veel en zo dominant als tegenwoordig.

Toch kijk ik graag naar zulke programma’s! Ik vind ze inspirerend en leerzaam. Soms maak ik een gerecht dat ik eerder op de televisie heb gezien. Ik leer ook handige keukentrucjes: hoe je een gekookt ei kunt pellen bijvoorbeeld (even kneuzen en laten rollen onder je hand, daarna trek je het craquelé er zo van af), of hoe je het best een paprika kunt villen.

Maar dat is nog niet alles: er gaat ook een troostrijke werking van uit. Alleen al het kijken naar iemand die soep of stoofvlees staat te maken geeft mij een warm en huiselijk gevoel. In gedachten ruik ik de geuren en proef ik de smaken. Comfort food!

Die laatste kreet raakt ook een diepere laag in mij. Soms kan ik er niet meer zo tegen: al die programma’s over corona en klimaat, het gehakketak van politici, het treurig lot van vluchtelingen of het lege vermaak van lawaaierige spelshows. Gelukkig is dan het kookkanaal mijn toevlucht; waar alles huiselijk is en warm en de ellende ver weg.

Onbewust voeden deze programma’s mijn honger naar een betere wereld. Maar om díe te maken, moet ik de bank af, naar buiten!