Met #MeToo kwam er op sociale media een wereldwijde beweging op gang, waar ervaringen met seksuele intimidatie, aanranding of seksueel misbruik werden gedeeld.

Je maakt jezelf kwetsbaar als je publiekelijk zegt dat je daarmee in aanraking bent geweest. Toen ik op 12-jarige leeftijd met een vriendinnetje naar huis fietste werden we door een paar jaar oudere klasgenoot met zijn vrienden achter na gezeten, wij vluchtten het bos in, dom natuurlijk, we werden gered door iemand die langsliep. Er was een ander die maar achter me aan bleef lopen, ook toen ik aangaf daar geen prijs op te stellen, op straat gevolgd worden door een onbekende, in een tamelijk lege treincoupé kwam een man naast me zitten, keek me aan en begon zich zeer zichtbaar te bevredigen, opdringerige mannen op vakanties in Franrijk, Italië en Marokko.

Toen ik predikant was kreeg ik telefoontjes van mannen, die op iets anders uit waren dan een pastoraal gesprek. Kerkenraadsleden, een collega en een gemeentelid die allemaal grensoverschrijdend gedrag vertoonden meestal met woorden soms met gebaren.

Het zijn allemaal vormen van seksuele intimidatie, niet zo schokkend dat ik er beschadigd door ben geraakt, maar ik weet nog hoe ongemakkelijk ik me al die keren heb gevoeld.

Ik plaatste geen bericht op Twitter met #MeToo. Ik heb me afgevraagd waarom. Is het dan toch schaamte, wat weerhoudt mij daarvan? Ik juich van harte toe dat er aandacht voor is en het is verschrikkelijk dat het nodig is.