Bericht voor thuisblijvers

,

Komende zondag is het Pinksteren. Het thema voor deze week is ‘Letter en Geest’.

Zaterdag 30 mei: door Ad Boogaard

Van letter en Geest, balk en splinter

Bij het woord ‘letter’ staat in Van Dale: – 3. letterlijke, woordelijke inhoud; naar de letter, juist zoals het geschreven staat; iets naar de letter opvatten, iets opvatten naar letterlijke zin; – (in bijbelt.)  de letter doodt, maar de Geest maakt levend (2 Cor. 3:6); – niet naar de letter, maar naar de geest der wet oordelen;

Toen ik die bewuste tekst opsloeg, uit de tweede brief van Paulus aan de Korintiërs, schrok ik toch wel even. In vers 14 schrijft Paulus over de Israëlieten: ‘Hun denken verstarde, en dezelfde sluier ligt tot op de dag van vandaag over het oude verbond wanneer het voorgelezen wordt.’

Met de indrukwekkende 4 mei-voordracht van Arnon Grunberg nog vers in het geheugen, dacht ik: had Paulus hier ook maar wat meer naar de geest van de Thora, geoordeeld over ‘het volk van Israël’. Hij wist toch zelf dat ‘de letter doodt’? Ook zijn letter. Doe wat je preekt, Paulus!

Ik citeer Arnon Grunberg, die in zijn 4 mei-voordracht Primo Levi aanhaalt, een joodse verzetsstrijder die als een van de weinigen terugkeerde uit Auschwitz: ‘Ik kan niet begrijpen, niet verdragen dat men een mens beoordeelt niet naar wat hij is, maar naar de groep waar hij toevallig toe behoort.’ Grunberg voegt er nog aan toe: ‘Woorden die wij wekelijks, misschien wel dagelijks zouden moeten herhalen, al was het maar om ons eraan te herinneren hoe giftig woorden kunnen zijn.’

Maar misschien moet ik op mijn beurt Paulus hier niet te letterlijk nemen en meer naar de geest der wet beoordelen?

 

Gebed

Geef me in, Heilige Geest

aan het heilige te denken.

Drijf me er toe, Heilige Geest

het heilige te begeren.

Verlok me Heilige Geest

om het heilige na te jagen.

Geef me kracht, Heilige Geest

het heilige vast te houden.

Bewaar me ervoor, Heilige Geest

het ooit te verliezen.                        (Augustinus)

 

Bericht voor thuisblijvers

,

Komende zondag is het Pinksteren. Het thema voor deze week is ‘Letter en Geest’.

Dinsdag 26 mei: door Arjen Hiemstra

Toen ik theologie ging studeren voelde dat geweldig. We verdiepten ons in de geschiedenis van het oude Israël. We leerden kritisch nadenken over de vragen rond God, Jezus en al die thema’s van de geloofsbelijdenis, en we stonden wetenschappelijk stil bij het verschijnsel godsdienst.

Wat heb ik een kennis opgedaan in die tijd! Nu besefte ik dat je het niet “alleen maar hoefde te geloven”, wat er in de kerk gezegd werd. En ik heb veel onderzocht en onder woorden gebracht. Uitgelegd ook, in het begin toen ik dominee werd. Ik was een man van de letter.

In de loop van de tijd ging het toch allemaal een beetje kaal voelen. Is de wetenschappelijke benadering uiteindelijk wel geschikt om God tot op de letter onder woorden te brengen? Of is er nog zo iets wat je níet onder woorden kunt brengen als je over God spreekt? En langzamerhand kwam er het besef dat het inderdaad nooit helemaal gaat om God in termen van de wetenschap te definiëren. Er is altijd iets van een sprong, van de wereldse woorden naar de essentie van wat God is. “God is altijd anders dan wij zeggen”. Er is altijd wel iets van de Geest nodig om bij hem te komen, woorden (de letter) zijn nooit genoeg.

Sinds die tijd ben ik de Geest gaan waarderen. Niet door er vaag over te zwijmelen, maar door bij alle spreken over God – Hij is in de wereld, in mensen om ons heen en in ons zelf – te beseffen dat er nog wat bij moet komen om werkelijk God te ervaren.

 

Gebed

Geef me in, Heilige Geest

aan het heilige te denken.

Drijf me er toe, Heilige Geest

het heilige te begeren.

Verlok me Heilige Geest

om het heilige na te jagen.

Geef me kracht, Heilige Geest

het heilige vast te houden.

Bewaar me ervoor, Heilige Geest

het ooit te verliezen.                        (Augustinus)

 

Bericht voor thuisblijvers

,

Komende zondag is het Pinksteren. Het thema voor deze week is ‘Letter en Geest’.

Maandag 25 mei: door Marieke Fernhout

Letter en geest – natuurlijk meteen de associatie met het zaterdagse katern van mijn lijfblad Trouw. In dat katern worden o.m. boeken gerecenseerd en, daarop doordenkend, vroeg ik me weer eens af hoe het toch komt dat zoveel mensen boeken maar één keer lezen terwijl ik mijn lievelingsboeken zeker wel tien keer opnieuw lees. En dan niet achter elkaar, maar van tijd tot tijd, in nieuwe en andere perioden van mijn leven. Juist door de letters in steeds verschillende fasen van je bestaan te lezen, wordt de geest van het boek ook steeds opnieuw, anders, onverwacht, vaardig.

Eén van mijn lievelingsboeken is de streekroman die in het Jodendom bij het Pinksterfeest hoort: het boek Ruth. En dat boek kwam weer eens tot leven, kreeg de geest, toen ik van Velp terugfietste naar Arnhem over de Schelmseweg. Velden links en rechts van me, het gezaaide dat in kleine sprietjes de kop opsteekt, vogels die hun luchtige lentedans uitvoeren en de zon die alles vriendelijk stooft. En daar loopt Ruth, langs de rand van de akker, omzichtig in haar bewegingen om niet teveel op te vallen. Midden op het veld staat Boaz, hij houdt het werk op het land in het oog, totdat die jonge vrouw in zijn beeld verschijnt. Wie is zij? Helemaal in de verte staat Naomi, een beetje verscholen achter een boom. Zij ziet hoe deze liefdesgeschiedenis gestalte krijgt en ze lacht, ze heeft weet van het ‘happy end’.

En ik weet natuurlijk ook dat Ruth en Boaz nog lang en gelukkig leven, maar ik wil het wel steeds opnieuw lezen en horen en zien en beleven. Letter en geest.

 

Gebed 

Geef me in, Heilige Geest

aan het heilige te denken.

Drijf me er toe, Heilige Geest

het heilige te begeren.

Verlok me Heilige Geest

om het heilige na te jagen.

Geef me kracht, Heilige Geest

het heilige vast te houden.

Bewaar me ervoor, Heilige Geest

het ooit te verliezen.                        (Augustinus)

 

Bericht voor thuisblijvers, 23 mei

,

In de week van Hemelvaart is voor het thema ‘hemel en aarde gekozen’

Zaterdag – Hubertien Oostdijk

Als mensen ernstig ziek zijn komen in gesprekken vaker de grote vragen van het leven langs, waarom, waartoe… Ook de vraag naar wat de hemel is en hoe die er uitziet komt geregeld ter sprake. Ik vertel mensen regelmatig het volgende verhaaltje: Er waren eens twee monniken aanhet kibbelen over hoe de hemel er uitziet, ‘zus of zo’. Ze komen er niet uit en besluiten naar een stervende broeder te gaan en vragen hem als jij in de hemel komt geef ons dan een teken over hoe die hemel eruitziet. Of je zegt ‘zus’ en dan heb ik gelijk of je zegt ‘zo’ en dan heeft de ander gelijk. De broeder sterft en na een paar weken komt er inderdaad een teken uit de hemel. Maar het antwoord luidt: het is niet ‘zus’ en het is niet ‘zo’, het is ‘totaal anders’! En daar moeten we het mee doen!

Het is zoals Paulus schrijft in 1 Korintiërs 13 “Nu kijken we nog in een wazige spiegel, maar straks staan we oog in oog”. Of oude vertaling “want nu zien wij nog door een spiegel in raadselen, doch straks van aangezicht tot aangezicht”.
Kortom wij weten het niet. Uit verhalen na een bijna dood ervaring komt vaak het beeld terug van een tunnel met aan de uitgang veel/helder licht en schitterende kleuren. Ook overleden dierbaren kom je in die ervaringen wel eens tegen. Het moet er dus mooi zijn maar verder… In deze week

staan we stil bij Hemelvaartsdag, een in onze ogen vaak wat ongrijpbaar feest, wat net zoals het praten over de hemel vooral veel vraagtekens kent. Lied 666 van Hanna Lam zingt en daar moeten we ons maar aan vasthouden:

“De Heer is opgetogen, Hij steeg boven ons uit.
Wij staan met onze ogen voor een beslagen ruit.
Daarop heeft Hij geschreven: ik laat je niet alleen.
Een glimlach van zijn vrede valt door die woorden heen.”

 

Bwericht voor de thuisblijvers, 22 mei

,

In de week van Hemelvaart is voor het thema ‘hemel en aarde gekozen’.

Vrijdag – Taco Bos

Hemel en hel: in de psychiatrie zijn ze nooit ver weg. Bij Pro Persona leer ik mensen kennen met een rijk, intens innerlijk leven. Soms extatisch, visionair, origineel. Soms diep beangstigend of ronduit duister. ‘Mijn leven is een hel op aarde’, zegt één. Een ander vertelt: ‘Mijn eerste opnamebracht mij in hemelse sferen. Ik ervoer een overweldigende, overspoelende liefde.’

Eind januari woonde ik in Groningen een symposium bij met de titel: ‘Tussen hemel en hel. Religieuze en spirituele ervaringen in de context van de psychiatrie.’ Aanleiding was de promotie van geestelijk verzorger Eva Ouwehand. Zij deed onderzoek onder mensen met een bipolaire stoornis: mensen met manische en depressieve periodes. Wat voor religieuze en spirituele ervaringen hebben zij? Hoe kijken zij daar achteraf op terug? Wat voor reactie verwachten zij van hun hulpverleners?

Eva Ouwehand zegt: ‘Men ervaart contact met een andere dimensie, maar tegelijkertijd dat de ziekte ermee aan de haal gaat. Soms is er schroom om over deze ervaringen te praten, terwijl communicatie hierover heel belangrijk is. Mensen verlangen respect voor hun religiositeit en erkenning van hun ervaringen, maar ook een kritisch klankbord om hun ervaringen af te wegen.’

Ikzelf vind het een voorrecht als mensen mij in vertrouwen nemen over zulke ervaringen, of ze nu hemels, aards of hels zijn. Als ze zich afvragen hoe echt, betekenisvol of invloedrijk hun belevingen mogen zijn, probeer ik een betrokken luisteraar en klankbord te zijn. En dagelijks verwonder ik me, over de diepte en diversiteit van onze menselijke levens- en geloofservaringen.

Bericht voor thuisblijvers, 21 mei

,

Donderdag – Margriet Kok

Via een internetverbinding doe ik mee aan een yin yogales. Ik volg de instructies van Jeroen van der Lee waarbij wij de oefeningen steeds vijf minuten vasthouden. We sluiten af met een meditatie en ik merk dat mijn onrust weg is. Na afloop van de les heb ik een gevoel van eenheid en gelukzaligheid. Plots

hoor ik een app en kom in andere realiteit. Ik lees het bericht en reageer kort met de woorden‘Nu niet. Ik moet even aarden’. Na het typen van het woord aarden, rijst de vraag: was ik zojuist in mijn hemel?

Over je eigen hemel met een vogel, een wolk en een pijnboom
schrijft Mario Benedetti in het gedicht Een andere hemel:

Er bestaat geen spons om de hemel mee te wassen

maar al moet je hem kunnen inzepen

en nat gooien met emmers zee
en aan de zon te drogen hangen
dan nog miste je de vogel in de stilte

Er bestaat geen manier om de hemel aan te raken

maar al zou je omhoog reiken als een palm
en hem in je verbeelding kunnen beroeren
en eindelijk weten hoe hij aanvoelt

dan nog miste je de wolk van katoen

Er bestaat geen brug om de hemel over te steken

maar al zou je de andere oever bereiken
met behulp van herinneringen en voorspellingen

en vaststellen dat het niet zo moeilijk is

dan nog miste je de pijnboom in de schittering

Dat komt omdat die hemel niet jou hemel is
al is hij onstuimig en verscheurd
maar als je bij je eigen hemel komt
zul je hem niet willen wassen of aanraken of oversteken

en zijn er de vogel en de wolk en de pijnboom

Bericht voor thuisblijvers, 20 mei

,

In de week van Hemelvaart is gekozen voor het thema ‘Hemel en aarde’

Woensdag – Monique Maan

Het thema van deze week is (uiteraard) gekozen vanwege Hemelvaart. Toch is mijn eerste associatie een ander Bijbelverhaal over hemel en aarde, namelijk dat over de Jacobsladder (Genesis 28: 10-22).

Het verhaal vertelt dat Jacob is weggegaan bij zijn ouders en broer. Door al zijn leugens en bedrog is de situatie thuis onhoudbaar geworden. Op advies van moeder Rebekka gaat hij naar zijn oom Laban. Hopelijk zal hij daar een nieuw bestaan kunnen opbouwen.

Als Jacob onderweg ergens overnacht, krijgt hij een droom. Hij ziet een ladder die op de aarde staat en helemaal tot de hemel reikt. Het woord dat hierbij gebruikt wordt, maakt duidelijk dat die ladder níet van vanaf de aarde werd opgericht naar de hemel, maar precies andersom: de ladder wordt vanuit de hemel neergezet op aarde.

Een ladder van beneden naar boven bouwen, dat hadden ze ooit in Babel geprobeerd (Genesis 11: 1-9). Daar was het vooral een teken van hoogmoed: kijk ons eens kunnen bouwen en klimmen, bijna tot bij God! Nu is het precies andersom, de hemel zet een ladder op aarde neer en langs die ladder gaan Gods engelen omhoog en dalen ze weer af.

Ik las daarover ooit de uitleg: zij nemen de schuld en de schaamte van Jacob en zijn angst voor de toekomst mee naar boven en ze keren met Gods zegen naar Jacob terug. En met die zegen, die kracht van boven, mag Jacob zijn levensweg vervolgen.

Je zou bijna zeggen: deze ladder en die engelen, het is Pasen, Hemelvaart en Pinksteren ineen.

 

bericht voor thuisblijvers, 19 mei

,

In de week van Hemelvaart is gekozen voor het thema ‘Hemel en aarde’.

Dinsdag – Pierre Eijgenraam

Als ik de woorden ‘hemel en aarde’ google, dan stuit ik als eerste op de Nederlandse inzending voor het Eurovisie Songfestival uit 1998.

Edsilia Rombley (wist u dat zij de schoondochter is van Huub Oosterhuis?) zong toen een liedje met als titel ‘hemel en aarde’. Ze werd er vierde mee! In het lied vertelt ze dat het met haar liefdesleven niet zo wilde vlotten. Maar dan:

‘ Zwarte luchten breken open aan de horizon.  

Nu zal ik me warmen aan de stralen van de zon!

Ik heb de liefde geprobeerd, nooit was ’t wat ’t leek

maar ik zag de toekomst toen ik in jouw ogen keek’

Het is misschien geen grootse poëzie, maar de ervaring zou ik eenieder graag gunnen!

Het refrein luidt als volgt:

Hemel en aarde bewegen als jij voor me staat,

het is voor mij bewezen, dat het lot bestaat.

Hemel en aarde gaan open als jij mij aanraakt.

Ik wilde het nooit geloven, maar er is meer

tussen hemel en aarde.

Zou je dit een geloofslied kunnen noemen? ‘Er is meer tussen hemel en aarde’: heel veel mensen die zichzelf niet gelovig noemen, zullen dat toch graag beamen. En met het woordje ‘lot’ wordt hier overduidelijk géén noodlot bedoeld; je zou er bijna ‘God’ voor kunnen invullen…

Hoe dan ook, het doet mij denken aan het Bijbelse Hooglied (8: 6)

‘Sterk als de dood is de liefde,
haar vlammen zijn een vuurgloed des Heren’.

Bericht voor thuisblijvers, 18 mei

,

In de week van Hemelvaart is gekozen voor het thema ‘Hemel en aarde’.

Maandag – Elsje Pot

Bij ‘hemel en aarde’ moet ik denken aan woorden van mijn vader: “Er is meer tussen hemel en aarde, dan wij bevroeden kunnen.”

In de bijbel kon ik deze woorden zo niet vinden. Ik vond het bij William Shakespeare (Hamlet):
There are more things in heaven and earth, Horatio, than are dreamt of in your philosophy.*

Mijn vader behoorde tot de generatie die op school hele toneelstukken leerde citeren.

In een gesprek over zo’n ‘er is meer in hemel en aarde’ ervaring met mijn vader, ging het over het sterven zijn vader, mijn opa. Ik was puber en als het om leven na de dood ging, stelde ik ongetwijfeld lastig te beantwoorden vragen. Hij vertelde toen, dat hij na zijn dood langere tijd het gevoel heeft gehad dat zijn vader er op de één of andere manier nog was. Mijn opa overleed vrij plotseling na een kort ziekbed. Op een gegeven moment heeft mijn vader tegen zichzelf gezegd: “Je moet hem loslaten”. Daarna verdween het gevoel dat zijn vader er nog was.

Deze onthulling van mijn vader, is voor mij van grote betekenis geweest. Met enige regelmaat vertellen mensen mij over bijzondere ervaringen rond of na een overlijden. Vragen over leven na de dood blijven ingewikkeld. Mij helpen die woorden ‘er is meer in hemel en aarde’, dan waar ik met mijn verstand bij kan. Het mag van mij ook best een mysterie blijven.

*Er is meer in hemel en aarde, Horatio, dan waarvan jouw wijsheid droomt.

 

Bericht aan thuisblijvers, 17 mei

,

Een nieuw thema: samen

‘Alleen samen kunnen we deze crisis overwinnen’..

 Onvermijdelijk hebt u dit soort leuzen de afgelopen weken al vele malen zien of horen voorbij­komen. ‘Alleen samen’…

 Dat klinkt wat paradoxaal, maar er is ongetwijfeld goed over nagedacht door een ambtenaar op het ministerie of misschien wel door een chique reclamebureau. De combinatie van twee tegengestelde woorden zet aan het denken:

-Zou dat kunnen: alleen en toch samen?

-Of veel erger: samen en toch alleen?

Pierre Eijgenraam en Arjen Hiemstra, redactie.

 

Zondag 17 mei, door Arjen Hiemstra

De eerste keer dat het woord ‘samen’ voorkomt in de Bijbel is in het verhaal van Noach. God zegt tegen Noach in Genesis 6,18: “Jij moet de ark in gaan, samen met je zonen, je vrouw en de vrouwen van je zonen”. En ze gaan samen de ark in die Noach heeft gebouwd. En de regen komt neer, de zee komt op, veertig dagen regent het, in de honderdvijftig dagen daarna zakt het water weer tot de aarde droog is.

Het vergaat Noach en de zijnen een beetje als ons: ook wij waren een tijd samen. Wat ze al die tijd deden in de Ark staat niet in de Bijbel. Het enige wat er staat dat is dat het veertig dagen regende. Veertig dagen. Dat is een beproevingstijd als de veertig jaar in de woestijn of de veertig dagen voor Pasen. Het was een tijd om samen te overwegen hoe ze verder zouden gaan.

Misschien is dat ook aardig in deze tijd: we waren samen in kleine kring. Vragen, zorgen, oneffenheden kwamen boven. De grote groepen mensen vielen even weg. We waren overgeleverd aan kinderen en levenspartners. En soms moest er gesproken worden: hoe gaan we samen verder. De coronatijd is een veertigdagentijd. En als de voortekenen niet bedriegen, dan komt er langzaam een einde.

Maar net als bij Noach, is alle narigheid niet meteen voorbij. We blijven nog een tijdje samen, terwijl je weer kunt uitkijken naar nieuwe mogelijkheden. Ga in die ‘honderdvijftig’ dagen nu samen ook eens overwegen wat die tijd samen gebracht heeft aan antwoorden, nieuwe perspectieven en goede gesprekken.

 

Surinaams gebed 

 Alleen de rijst die we samen delen  

voedt.

Alleen het water dat we samen drinken 

lest onze dorst.

Alleen de woorden die we samen vinden 

zijn verstaanbaar.

Alleen de weg die we samen gaan  

heeft een doel.

Alleen het doel dat we samen stellen 

is bereikbaar.

Alleen de vrede die we samen maken 

wordt wereldwijd.

Uit: Wereldwijd brevier