Berichten

Johannes Kon

Er was eerder enige onduidelijkheid over het thema : “Opnieuw beginnen” of “Alles wordt nieuw”, maar dat hadden we – als schrijvers ‘ ook al bij het thema ” School” i.p.v. “Toekomst”.

U begrijpt: we lopen op onze laatste benen (hoeveel kreeg je er overigens bij jouw schepping mee?). De mijne worden wat minder: de 3.000 km non stop naar Santiago de Compostela in 2008 krijg ik er nu niet meer uit. In de meest recente vakanties en wandel-weekenden kreeg ik met moeite 18 km per dag gelopen. Genen? Trainen?

Aan míjn lijf geen polonaise, dus a.u.b. géén nieuwe knieën of iets op mijn heupen (heb ik al te vaak); mijn hoofd en hart doen het nog naar behoren, zegt men. Tamelijk onvervangbaar.

Nee, niet alles wordt nieuw! Dat kan ook niet. Maar ik sluit de Heer (m/v) niet uit. Ik laat mij graag verrassen.

Dit was dus mijn laatste column in deze reeks. ‘Thuisblijvers’ zijn er niet meer, want iedereen gaat op de loop – desnoods met mijn ideeën.

 

 

Pierre Eijgenraam

 Het was kort voor Kerst, dat ik in een verpleeghuis bij het sterfbed zat van een trouw gemeentelid. Zijn vrouw en kinderen zaten om hem heen en zongen liederen van Johannes de Heer:

‘Heerlijk klonk het lied der Eng’len,

in het veld van Ephrata:

ere zij God in de hoge,

looft de Heer, Halleluja!

Vrede zal op aarde dagen,

God heeft in de mens behagen;

zalig, die naar vrede vragen,

Jezus geeft die, hoort Zijn stem!’.

De oude heer G. leek het niet te horen, hij dommelde telkens weer weg, totdat er in de verte een carillon begon te spelen. Hij schrok wakker, met lichtjes in zijn ogen en hij sprak vol verwachting: ‘Ben ik er al?’

Veel mensen zullen dit een grappig verhaal vinden, maar voor mij was het ontroerend om erbij te zijn. En nog altijd kan ik het ‘heerlijk lied der englen’ niet horen zonder tranen in mijn ogen te krijgen.

‘Zalig wie in Christus sterven’, zegt een ander lied en bij dit sterfbed heb ik dat gezien. Ooit hoop ik ook met dezelfde overgaven en hetzelfde vertrouwen dit leven te mogen verlaten –al mag het nog best een poosje duren.

Ik weet niet of mijn dierbaren over een jaar of dertig de liederen van Johannes de Heer nog zullen kennen. Maar ze mogen ook ‘alles wordt nieuw voor me zingen’. En daarna hoop ik het te zien.

Jos Hordijk

Boeiend thema deze week, er borrelt van alles op. In de zondagsbrief ( 5-9)werd geschreven over de Nachtstemmer van Maarten ’t Hart. Ik herkende zoveel in de hoofdpersoon. Het denken in flarden van psalmen en gezangen ken ik zo goed.  Als er zo’n flard binnen waait komt de melodie ook naar boven. Losse zinnen bezorgen tekst en melodie bij mij terug.  Wat waren het akelige teksten soms. Ooit leerde ik zingen:

‘God enkel licht,

voor wiens gezicht

niets zuiver wordt bevonden,

ziet ons bevlekt,

met schuld bedekt,

misvormd door duizend zonden’.

Het onderwerp van vandaag komt ook uit een liedje: Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw.

Al die oude liedjes zijn herschreven, vernieuwd, maar zo heb ik ze niet in mijn hoofd en de nachtstemmer ook niet. Ik ben zo blij dat de teksten vernieuwd zijn. Stel je voor dat mijn kleinkinderen nu zouden leren dat zij misvormd zijn door duizend zonden. Wie zou dat nog accepteren? De oude psalmmelodieën zijn grotendeels bewaard gebleven en daar ben ik blij mee. Want met de melodie resoneert de geschiedenis in mijn gevoelsleven.  Mijn gereformeerde geschiedenis bestaat niet alleen uit ouderwetse opvattingen en teksten. Die heb ik ergens geleerd, maar niet geïnternaliseerd. Die melodieën verbinden mij steeds met de mooie momenten in mijn jeugd, ze horen bij mij. Door de muziek in de kerk word ik geraakt, daar ben ik ontvankelijk voor. En de teksten zijn vernieuwd. Alles wordt nieuw, daar hoop ik op, daar kijk ik naar uit.

Met een onverwrikt vertrouwen.

Monique Maan

Het is misschien intussen wel 20 jaar geleden: ik kwam op straat een bekende tegen en riep min of meer in het voorbijgaan ‘Alles goed?’. En hij reageerde: ‘Nee….. alles goed, dat bestaat niet.’

Het leverde een mooi gesprekje op over wel en wee en over dat woordje ‘alles’. Dat álles goed met je gaat, kan inderdaad niet. Er is altijd wel ergens iets dat lastig is of zorgen baart in je leven, of iets wat net niet lekker loopt. ‘Alles goed’ bestaat niet. En hopelijk kan ook niemand zeggen dat álles slecht met hem of haar gaat.

Het thema van deze week is ‘Alles wordt nieuw’.  Het is de titel van het bekende liedje over de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, geïnspireerd op het beeld uit de Openbaring van Johannes. Johannes beschrijft zijn visioen van die nieuwe hemel en nieuwe aarde: er zal geen pijn meer zijn, geen dood, geen rouw. God zal bij de mensen wonen en Hij zal de tranen van onze ogen afwissen. Een prachtig, troostrijk beeld.

Alles wordt nieuw. Toch hoop ik dat er toch ook dingen zijn die zullen blijven zoals ze zijn.

Vriendschap bijvoorbeeld, en mededogen, en solidariteit. Alles wat er nu ook al is en wat het leven goed maakt, juist als niet alles goed gaat.

Elsje Pot

Opnieuw beginnen of nog liever: met iets nieuws beginnen, ik houd er wel van. Maar dat is wel iets anders dan ‘alles wordt nieuw’. Voor dat laatste denk ik toch echt meer aan wat ons eventueel na dit leven te wachten staat. Ik kan me niet voorstellen dat in dit leven alles nieuw wordt voor mij. Hoeveel er ook kan veranderen: verhuizen, pensioen, verlies, ander werk, geboorte, je brengt toch altijd ook je oude zelf mee en ik vermoed dat het oude zelf er pas niet meer is na dit leven.

Toch zou het best wel leuk zijn als in dit leven alles nieuw zou kunnen worden. Ik denk aan een wereld waarin mensen als zusters en broeders met elkaar samenleven. Een wereld waarop alle mensen de aarde koesteren, beschermen en bewaren, zodat de generaties na ons er ook nog plezier aan beleven. Een samenleving waarin de kleur van je huid of genderidentiteit geen reden meer is om mensen buiten te sluiten of te discrimineren, een wereld waarin niet alles zo ongelijk verdeeld is en waarin niemand bang hoeft te zijn.

Ik vrees dat het een droom blijft, maar ik hoop dat er desondanks steeds weer mensen zijn die iets van die droom waarmaken, dat er plekken zijn waar dat kan, plekken waar de droom van ‘alles wordt nieuw’ levend gehouden wordt. En het zou mooi zijn als ook de kerk, de geloofsgemeenschap zo’n plek zou willen en kunnen zijn.