Berichten

Pierre Eijgenraam

Het is deze maand precies vijftig jaar geleden dat Godfried Bomans en Jan Wolkers ieder een week op het onbewoonde Rottumerplaat verbleven. Het enige contact met de buitenwereld bestond uit een dagelijks radiogesprek met presentator Willem Ruijs. Wolkers genoot en deed aanstekelijk verslag van zijn belevenissen. Voor Bomans was het een nachtmerrie; hij voelde zich angstig, sliep slecht en raakte in grote verwarring. Zonder een publiek dat hem bewonderde en toejuichte was hij niemand meer.

Later schreef hij over zijn verblijf: ‘Ik heb veel aan vroeger gedacht, vooral aan mijn jeugd. Vele gebeurtenissen die ik dacht vergeten te zijn, kwamen langzamerhand boven -zoals hier het gras boven het water als het eb is. Ik zie nu beter dan eerst en nu eigenlijk pas goed, dat ik ben wie ik ben en dat het zo heeft moeten zijn. Ik heb geen wrevel, geen spijt, geen wrok meer tegen het verleden. Zo is het allemaal gelopen en ik genees van mijn wonden’.

Een enigszins vergelijkbare ervaring deed ik op tijdens mijn pelgrimstochten door Frankrijk en Italië. Soms wandelde ik enkele dagen zonder iemand te zien of te spreken en sliep ik heel alleen in mijn tentje. Vanzelfsprekend ook zonder mobiele telefoon. Soms voelde dat eenzaam of zelfs angstig, maar dat ging over. Ik merkte dat ik nooit echt alleen was; grootse natuur om me heen, en alle rust om samen te zijn met mijn voetstappen en mijn gedachten. Ook de Schepper was nabij.

Arjen Hiemstra

In mijn kast staat een boek “Atlas der abgelegenen Inseln” van Judith Schalansky. Het beschrijft 50 eilanden in de hele wereld die één ding gemeenschappelijk hebben: ze liggen allemaal geïsoleerd. Een enkel eiland (St. Helena, ooit het ballingsoord van Napoleon) heeft een landingsbaan. Andere eilanden kun je met een boot bereiken (Tristan da Cunha), maar vaak is dat dan na een lange reis. En op sommige eilanden (Ascension Island) kun je pas voet aan wal zetten nadat je een schip gehuurd hebt dat speciaal voor jou er naar toe vaart.

Ik vind het een fascinerend boek. Het beschrijft de eilanden en haar geschiedenis. Het vertelt van schipbreuken, vormen van leven op de eilanden, moeilijke leefomstandigheden en andere bijzonderheden.

Niet op alle eilanden leven mensen. Toch verwonder ik me over ieder eiland waar –ondanks een moeilijke geschiedenis, moeilijke leefomstandigheden, weinig bewoners en vooral grote eenzaamheid– toch mensen een bestaan vinden. Wij mensen zijn blijkbaar uitgerust met een ongelooflijk aanpassingsvermogen. Onze schepper gaf ons de mogelijkheden om zelfs in de meest afgelegen plekjes te overleven.

Soms zou ik die afgelegen eilanden willen bezoeken. De stilte te voelen, de eenzaamheid en de enkeling te spreken over het wonen daar. Maar de grote moeite die je moet doen om afgelegen eilanden te bezoeken schrikt me af.

In januari maar weer een paar dagen naar Vlieland denk ik. Ook heel stil en op dat moment zelfs een beetje eenzaam. Ook heel bijzonder.

Jos Hordijk

Mijn vriendin en haar man nodigden ons uit om naar Portugal te komen, ik was  dolblij. Het was mijn eerste buitenlandse vakantie, die smaakte naar meer. Een jaar later reisden we  naar de Peloponnesos en het jaar daarop werd het Lesbos. Vele eilanden volgden, maar Lesbos  heeft ons hart gestolen. Een mooier stadje dan het monumentale Molivos op Lesbos vind je niet zomaar. Na die eerste keer  bezochten we Lesbos vaker. Op een dag zagen we zwemvesten en rubberbootjes op een verlaten strandje liggen en het jaar daarop sjokten er mensen langs de weg die op het schoolplein moesten wachten tot ze naar de hoofdstad gebracht werden. Alle ellende was te volgen in de media. Er zijn zelfs exposities van foto’s gemaakt in kamp Moria, in 3 verschillende Nederlandse musea te zien. Mensen die moeten vluchten, daar wen je nooit aan. Voor de eilandbewoners is het ook erg. Hun olijfbomen werden vernield, de takken eraf getrokken om vuurtjes te stoken, de olijven te vroeg gegeten. Toen de toeristen weg  bleven verloren zij hun tweede bron van inkomsten.

Aan ons wordt vaak gevraagd of we de vluchtelingen gezien hebben. ‘Waar bedoel je’ stel ik dan als wedervraag  ‘op Lesbos?’  Vluchtelingen zie je in Arnhem in Rozet, op het terras, in de bus en in het park.  Op Lesbos zie je ze niet. Duizenden mensen worden op 80 km rijden van de toeristenplaatsjes  in tentenkampen nabij de hoofdstad vastgehouden.  Het Noorden van het eiland is verlaten. Daar komen de laatste jaren nauwelijks toeristen meer.